Misschien weet je het al jaren, maar het kan ook best zijn dat je er pas net achter bent dat je ouders een psychische stoornis hebben. Of dat het eenvoudigweg niet zeker weet. Hoe het in mijn eigen gezin was: mijn ouders hadden en hebben geen diagnose. En die gaat er ook niet komen. Toch heb ik steeds meer zicht gekregen op hoe mijn ouders zich gedroegen, hoe ze met mij omgingen, en daarmee de vertaalslag kunnen maken naar een psychische stoornis. Dat ik een aantal jaren in de psychiatrie heb gewerkt, heeft daarbij wel geholpen, al denk ik dat het op mijn eigen ouders toepassen van psychische kenmerken een heel ander verhaal is.

Dus wanneer jouw ouders geen diagnose hebben, hoe weet je dan of je een KOPP-kind bent? Waar komt het vandaan dat je overlevingsstrategieën altijd aan staan? Het kan zijn dat je al langer in de gaten hebt dat er iets niet klopt. En laat ik helder zijn: ook wanneer je ouders geen psychische problematiek hebben, kan het zijn dat je jezelf herkent in wat veel volwassen KOPP-kinderen zo goed kennen. Bijvoorbeeld die continue alertstand: het altijd moeten klaarstaan voor de ander, ongeacht hoe jij je zelf voelt en of je daar zelf wel ruimte voor hebt. Al je zintuigen die voortdurend op scherp staan: heeft iemand in je omgeving iets nodig? Dat kan zijn in de vorm van letterlijk iets moeten verschaffen of regelen, maar ook emotioneel voortdurend beschikbaar moeten zijn om te zorgen dat een ander overeind blijft.

Hiermee hangt sterk samen dat je zo voor je ouders hebt gezorgd. In praktische zin, of juist emotioneel. Je bent al jong voor je ouders gaan zorgen, omdat zij daar zelf niet toe in staat waren. Misschien deed je heel veel taken in huis, die niet bij je leeftijd pasten. Of was je juist voortdurend emotioneel voor je ouders aan het zorgen. Als klein kind was dit de enige beweging die je kon maken. Met jouw kinderbrein had je de illusie dat je, als je maar genoeg je best deed, het kon oplossen. En deed je dit ook vanuit een diep gevoel van bestaansdrang. Je moest wel, omdat je anders niet zeker was van je eigen voortbestaan.

Het schuldgevoel en de schaamte dat je de situatie niet kon oplossen, dat je niet kon zorgen dat het goed ging met je ouders, krijg je er gratis bij. Mogelijk schaamde je je ook voor hoe het thuis was, en nam je nooit iemand mee naar huis, omdat je niet wist wat je zou aantreffen. Uit loyaliteit zei je er tegen niemand iets over, wat ook zorgde dat je heel eenzaam was. Die geheimhouding kan je nog steeds parten spelen. Het is zo moeilijk om je uit te spreken over wat jij hebt meegemaakt. Stel dat het terugkomt bij je ouders? Wat zal het effect daarvan op hen zijn? Kunnen ze dat wel aan? Of worden ze dan juist heel boos op jou, omdat je het aan de grote klok hebt gehangen?

Hoe voel jij je over jezelf? Wat is jouw beeld van jezelf? Heb je het gevoel dat je van waarde bent, ook wanneer je niets doet? Simpelweg omdat je bestaat? Wanneer je ouders zo in beslag werden genomen door hun psychische aandoening, was er weinig ruimte voor jou in hun leven. Niet omdat je ouders dit persé zo wilden, maar het was hoe het was. Je ouders hadden eenvoudigweg niet de ruimte of psychische mogelijkheden om het anders te doen, om er wel voor jou te zijn. En als er zo weinig aandacht voor je was, omdat je ouders dat niet konden opbrengen, hoe kon je dan eigenwaarde opbouwen?

Hoe ga je om met emoties? Heb je contact met je gevoelens, met wat jij wilt en verlangt? Of ken je het dat, wanneer er kennelijk een grens is bereikt, je emoties er soms ineens uitknallen en bijna niet controleerbaar zijn? Dat je van nul naar honderd kunt gaan in enkele seconden. In eerste instantie heb je geen contact met wat je voelt, en dan ineens voel je dat er een grens is bereikt. Eigenlijk weet je niet precies waarom je soms ineens zo ontzettend boos wordt, het explodeert eruit.

Inmiddels ben je volwassen en is het nog steeds lastig om je in relaties tot een ander te verhouden. Je hebt hierin nooit een goed voorbeeld gekregen. Wellicht had een van je ouders een psychische stoornis, en was de andere ouder codependent. Voorheen werd deze term vooral gebruikt bij de partner van iemand met een verslaving. Inmiddels weten we dat dit ook voor partners of naasten van iemand met een psychische aandoening kan gelden. De kenmerken van codependency komen in sterke mate overeen met die van een KOPP-kind, al is dat niet altijd zo. Dus hoe verhoud je je in een relatie tot de ander? Moet je voor je partner ook voortdurend klaar staan? Is dat echt zo, of voel jij het zo? En wanneer je partner dat niet van je vraagt, kun je je dan ontspannen? Of gaat dat eenvoudigweg niet, omdat je niet weet hoe dat moet? Hoe je werkelijk kunt verbinden met een ander? Hoe zit het bij jou verder met sociale contacten? Kun je je werkelijk ontspannen in het contact? Of ben je ook daar telkens alert op wat die ander nodig heeft? Durf je erop te vertrouwen dat een ander er echt voor jou is? En je accepteert zoals je bent?

Ook in het opvoeden van je kinderen heb je geen goed rolmodel in je ouders kunnen vinden. Natuurlijk: iedere ouder maakt fouten, maar jij moet het wiel wel elke keer heel erg zelf uitvinden. Hoe je het níet wilt, dat is heel duidelijk. Je wilt je wilt niet dat je kinderen doormaken wat jij hebt doorgemaakt. Maar hoe dan wel?

Mijn doel met dit alles te beschrijven is niet om een stempel op je te plakken. Zoals ik in mijn ‘coming out’-video op mijn youtubekanaal en op Facebook al zei: “Het opgroeien met ouders met een psychische problematiek definieert mij niet, maar het heeft me wel gevormd.” Het definieert jou ook niet, maar het heeft je wel ten dele gemaakt zoals je bent. Mijn doel is om je te helpen helderheid te verschaffen in wat jij in je leven allemaal tegenkomt, en hoe je verleden je in het hier en nu nog steeds beïnvloed. Wellicht ben jij kind van ouders met een psychische problematiek, misschien ook niet. Of weet je het nog niet. Dat is allemaal oké. De vraag is: wil je er iets mee en durf je ernaar te kijken? Durf jij jouw verhaal te doen en het taboe te doorbreken? En daarmee een stap te zetten naar vrijheid voor jou, in jouw leven, en wat meer los te komen van je ouders? Ik nodig je van harte uit.